Hoorns

Byzantijns Mannenkoor

Bij de Tweede Antifoon hoort een lofrede tot de Heilige Drieëenheid, de lofgezang: "Eniggeborene Zoon van God."

"Eer aan de Vader, en aan de Zoon,
en aan de Heilige Geest;
nu en altijd en tot in eeuwigheid. Amen.
Eniggeborene Zoon en Woord van God,
U die onsterfelijk is, het U verwaardigde
om ter wille van onze verlossing
uit die heilige Theotokos
en altijd maagd Maria vlees te worden;
U bent zonder verandering Mens
en gekruisigd geworden;
en hebt die dood met die dood overstegen;
U bent een van die Heilige Drie-eenheid,
die met de Vader en de Heilige Geest
verheerlijkt is geworden.
O Christus onze God, redt ons.";

Deze lofgezang, waarin het geloof van de Kerk in de Godheid en mensheid van Christus tot uiting komt, werd in di zesde eeuw, in de tijd van keizer Justinianus van Byzantium, in gebruik genomen.

Tweede Klein Litanie

”Laat ons keer op keer in vrede bidden tot de Heer”.
Nadat het koor geantwoord heeft met:
"Here, ontferm U",
richten wij ons op die Derde Antifoongebed:

”En uw belofte waar twee of drie in Uw Naam bijeenkomen,
Uw hun gebeden zal verhoren:
Verhoor nu, o Heer,
de smeekbeden van Uw dienaren
voor zover dit tot hun bestwil zal zijn.
Schenk ons in deze wereld de kennis van Uw waarheid
en in het hiernamaals het eeuwige leven.
Want Gij zijt een goede en menslievende God,
en aan U brengen wij eer:
Vader, Zoon en Heilige Geest;
nu en altijd en tot in eeuwigheid.”